HOMEOPATHIE

Homeopathie is een natuurlijke geneeswijze die het zelfgenezend vermogen van de mens prikkelt waarop herstel kan volgen.

Homeopathie probeert met een hele kleine gerichte prikkel het lichaam tot zelfgenezing aan te zetten. Deze hele kleine gerichte prikkel is van dezelfde aard als waardoor de patiënt ziek is geworden. Dit noemt men het similia principe: Het gelijke met het gelijkende genezen.

De werking van de homeopathie berust op het feit dat het lichaam zich weer bewust wordt waarom het ziek is geworden en gaat weer actie ondernemen. Die prikkel moet heel zwak zijn, anders wordt er weer opnieuw schade toegebracht. Dit doet men door het middel te verdunnen. Meestal blijkt de werking bij iedere verdunning des te sterker te zijn, dit heet potentiëren (= in kracht laten verschillen).

Uiteindelijk blijft er van de oorspronkelijke stof niets meer over, alleen de informatie wordt doorgegeven met elke verdere hogere verdunning. Daardoor heeft de homeopathie bijna geen bijwerkingen. Voedingsregels zijn soms tijdelijk nodig om het middel niet tegen te werken.

Een tijdelijke verergering van klachten na het innemen is vaak een teken dat het medicijn aanslaat. De reactie is een belangrijke factor in de verdere behandeling. Na het homeopathische geneesmiddel neemt de weerstand weer toe, gaat uw lichaam beter functioneren en kunt u zich lekkerder in uw vel voelen. Met een homeopathisch geneesmiddel komt u weer in evenwicht.

Er is een verschil tussen 'gewone' en klassieke' homeopathie:

Gewone is klacht gericht, zoals bijvoorbeeld het gebruik van Echinaforce bij verkoudheid, Arnicazalf bij een kneuzing, etc. Het grijpt vooral het fysieke systeem aan.

Bij klassieke homeopathie wordt het totaal van het energie- en klachtensysteem bekeken. Meerdere klachten, gedragingen, voor- en afkeer van iets, enz. kunnen als los van elkaar beschouwd worden, maar meestal hebben ze met elkaar te maken.
Bij klassieke homeopathie werk je dus niet alleen aan het oplossen van de klacht, maar ook naar het waarom van het ontstaan ervan.

Wat is het verschil tussen klassieke homeopathie en complex homeopathie?

Kenmerkend voor klassieke homeopathie is dat de homeopaat werkt met één enkel middel. Dit middel heeft de kenmerken van de ziekte in combinatie met de eigenschappen van de patiënt. Als het juiste middel voor de patiënt is gevonden is een minimale dosering voldoende om verbetering te bewerkstelligen. De klassiek homeopaat zal dus altijd kijken naar de patiënt. Het zal in de regel ook nooit voorkomen dat je langdurig hetzelfde middel moet gebruiken, de insteek is dat je geen middel nodig hebt om "genezen" te zijn.

Complex homeopathie werkt anders. Hierbij wordt alleen gekeken naar de kenmerken van de ziekte. Vervolgens worden daar een aantal middelen bij gezocht die (bij de klassieke homeopaat) het hoogst "scoren". Die middelen worden bij elkaar gevoegd waardoor een "complex" ontstaat. Dit complex wordt vervolgens aan elke patiënt met ongeveer hetzelfde ziektebeeld gegeven. Als je toevallig "gevoelig" bent voor een van de middelen die in het complex zitten, dan werkt het, in het andere geval werkt het gewoon niet. Dit fenomeen verklaart ook waarom een complex voor bijvoorbeeld de gewrichten van de ene fabrikant wellicht wel werkt en dat van de andere fabrikant helemaal niet.

Let wel: complex homeopathische middelen mogen slechts een korte periode gebruikt worden. Ze veroorzaken namelijk bij langdurig gebruik een zogenaamd "geneesmiddelen beeld". Je gaat dan kenmerken vertonen van de middelen die er in zitten.